Bij onderzoek in begraasde natuurgebieden in Gelderland zijn 34 verschillende bestrijdingsmiddelen gevonden. Ook werd een negatieve correlatie tussen de hoeveelheid gevonden bestrijdingsmiddelen en het aantal aanwezige mestkevers gevonden.

Buijs Agro-Services en Mantingh Environment & Pesticides hebben in hun onderzoek van 14 begraasde natuurterreinen in Gelderland monsters van bodem, vegetatie en mest op de aanwezigheid van bestrijdingsmiddelen onderzocht. In de mestmonsters zijn de aantallen en soorten mestkevers geteld.

In de monsters werden 34 verschillende bestrijdingsmiddelen gevonden, waarvan 4 niet uit de landbouw afkomstig zijn. Deze vier stoffen hadden wel het grootste aandeel in de gevonden concentraties van bestrijdingsmiddelen, maar behoren niet tot die stoffen die het meest schadelijk worden geacht te zijn voor insecten. Van de gevonden bestrijdingsmiddelen is inmiddels ruim de helft (53%) het gebruik in de landbouw verboden. Omdat in de onderzochte natuurgebieden en bij de grazers geen bestrijdingsmiddelen worden gebruikt, vindt de aanvoer van de gevonden stoffen naar de vegetatie en de mest zeer waarschijnlijk via de lucht plaats. Deze aanname wordt bevestigd door buitenlands onderzoek.

Literatuuronderzoek naar de eigenschappen van de 34 gevonden bestrijdingsmiddelen laat duidelijk zien dat veel van deze stoffen een potentiële negatieve invloed op insectenpopulaties hebben. Van de 34 gevonden stoffen is 51% kankerverwekkend of mogelijk kankerverwekkend en 42% hormoonverstorend of mogelijk hormoonverstorend (voor zoogdieren). Het betreft vooral insecticiden, maar ook fungiciden en een enkele herbicide. Van deze groep stoffen zijn chronische effecten zeer waarschijnlijk en is er eveneens voor insecten geen veilige dosis vast te stellen.

Download het hele persbericht.

Download het onderzoeksrapport.